dinsdag 11 maart 2025

Op de laan in de Oorlog

 


Waar ik bij wijze van spreken tijden zou kunnen prakkeseren hoe we dan een podcast zouden kunnen gaan maken, pakt mijn jeugdige neef Chris gewoon door. In no-time schrijft hij een verhaallijn voor zo’n 6 afleveringen. We vergaderen daarover wat af en de wildste ideeën passeren de revue. Bijvoorbeeld om de dossiers die we (opnieuw) willen bekijken, voor te gaan lezen en op te nemen in het Nationaal Archief. Volgens Chris hebben ze daar vast een aparte ruimte waarin wij dat kunnen doen. Hebben ze en we zijn van harte welkom.

De podcast krijgt een werktitel (OdlidO); John biedt spontaan aan om de podcast te editen en schoondochter Louise die journalist en redacteur is, houdt ons scherp. Afgezien van Lou heeft niemand ooit met zoiets te maken gehad maar we zijn van goede wil, dus we gaan ervoor! We komen zelfs via via met een uitzendplatform in contact maar besluiten uiteindelijk de podcast met ons team te blijven doen, in ons eigen tempo en met toegankelijkheid voor iedereen. We zijn blij verrast met hun enthousiasme voor ons verhaal en de goeie tips die we van ze krijgen.

Intussen is er tweedehands technisch materiaal aangeschaft zodat we kunnen opnemen. Met een zware rugzak vol ‘gear’ reis ik weer in januari per trein naar het Nationaal Archief. Had ik me dat vorig jaar na het eerste bezoek voor kunnen stellen? Echt niet! Het blijft intensief om de dossiers te lezen, het er over te hebben en ze voor te lezen maar het blijkt ook heel leuk om dit gezamenlijk met het OdlidOteam te doen. Het is echt heel bijzonder om samen met Chris de eerste opnames voor de podcast in het NA te doen. Als we die eerste opnames terug luisteren, blijk ik trouwens weleens naast de microfoon te praten ipv erin. Maar al doende leert men!

Tijdens die eerste opname onderzoeken we de dossiers van ome Jo en nogmaals een deel van die van opa Arie. Helaas kunnen we die niet allemaal bekijken omdat de rest op dat moment wordt gedigitaliseerd. Bij het doorvlooien van de NBI-dossiers (Nederlands Beheers Instituut), komen we ineens de naam tegen van de broer van Arie en Jo. Chris zoekt op de site van Oorlog voor de Rechter of er dossiers van hem zijn. Ja hoor en nou we toch bezig zijn zoekt hij de rest ook op. Er blijkt nog een dossier van hun vader Cornelis te zijn en dossiers van Mien, de echtgenote van Jo. Geen 2 maar 5 dossiers dus.😳

 

 


dinsdag 18 februari 2025

De 3 J’s



Tijdens de thee met kunstpetemoei Jeaan had ik het ook over het opa Arieverhaal en dat ik er iets mee wilde qua kunst. Er schoot haar in de verte iets te binnen over iemand die vanuit het familie-NSB-verleden bezig was geweest met een borduurwerk. Ha! Daar wilde ik natuurlijk meer van weten. Gelukkig vond Jeaan na enig spitwerk degene over wie het ging.

Het duurde een poosje voordat ik haar, Judy Cerfontaine, zomaar durfde te mailen. Dat ik toch elke keer eerst weer moed moet verzamelen, blijft me verbazen. Maar goed, gelukkig zat ze op de socials en ging ik haar eerst volgen. Op een gegeven moment mailde ik haar met het verzoek om haar borduurwerk te mogen bekijken. Dat mocht en zo toog ik half december richting Arnhem, naar haar atelier. Altijd heerlijk om in iemand anders’ atelier rond te kijken en divers werk in verschillende stadia in het echt te zien. Daarna bekeken we het borduurwerk. Judy heeft een drieluik geborduurd waarin het verhaal van haar opa, haar vader en haarzelf tot uiting komt. Ik vind het een prachtig, eerlijk, kwetsbaar en krachtig werk dat me ontroerde. Er sprak liefde uit voor de ‘foute’ opa die zij zelf als leuke opa kende en voor haar vader die veel last had van zijn vaders verleden. Door dit werk te maken, realiseerde ze zich dat ze een deel van die last met zich meedroeg zonder dat te weten. Dat herkenden we in elkaar. Het is bijna niet uit te leggen hoe fijn die herkenning voelt. Ik vond het een heel bijzondere ontmoeting. Je kunt het werk bekijken via https://judycerfontaine.nl/portfolio/sporen/.

Door dit blog zijn we aan het eind van 2024 beland. Wat is er onwijs veel gebeurd sinds het bezoek aan het Nationaal Archief op 30 januari. Wat een hoop ontdekkingen die verschillende emoties met zich mee brachten. Nooit bij stil gestaan dat dat zou gebeuren maar dankzij de steun van John en m’n bff’s van de kunstelclub durfde ik steeds weer een volgende stap te zetten.🫶

Inmiddels is het februari ‘25 en maak ik in een hoog tempo van alles mee. Zo heeft het idee van neef Chris voor een podcast aardig wat contouren gekregen en zijn we hard aan de slag. In een volgend blog daarover meer!   

maandag 10 februari 2025

Kom uit de kas!


Terwijl ik voor mezelf de boel op een rijtje probeer te krijgen, verandert er wat. De oudste van m’n broer, neef Chris, hoort van John over dit gebeuren en wil er meer van weten. Het is een opluchting dat iemand van de familie er wel interesse in heeft. En hoe! We spreken een dag af in Amersfoort en tetteren aan een stuk door. Chris komt met het idee om een podcast te maken. De ontdekkingen die ik doe vormen dan de leidraad en we vragen er experts bij die een en ander kunnen duiden. Een historicus over de NSB in het Westland, een filosoof over goed en kwaad en een therapeut over intergenerationeel trauma (in hoeverre heeft een NSB-verleden invloed op nazaten?).

De historicus (Drs.Philip van den Berg) heeft een boek geschreven over de NSB, Kring 71 in het Westland, waar hij uitvoerig onderzoek voor heeft gedaan. Dat boek moet ik hebben! Tot mijn verbazing komt m’n opa er in voor als voorbeeld. Dat is echt wonderlijk om te lezen, dat iemand iets weet waar wij als familie niets over wisten. Philip is een keer in de buurt en komt een bakkie doen. Ook wij tetteren zo een paar uur weg. Super interessant wat hij allemaal weet.

Nou ik toch bezig ben om naar buiten te komen hiermee, meld ik me aan voor het Symposium ‘Verbinden en Doorgeven’ van Stichting Werkgroep Herkenning. Op 23 november ga ik weer naar het Nationaal Archief, daar is het symposium. Ik vind het spannend, wat zal ik allemaal horen? Het lijkt wel een warm bad, ik voel me onderdeel van de groep. Er worden o.a. persoonlijke verhalen verteld over (groot)ouders die lid waren van de NSB die grote indruk op mij maken. Het gaat over hoe moeilijk mensen het er soms nog mee hebben. Ook wordt er een onderzoek gepresenteerd waaruit naar voren komt dat bijna een vijfde deel (18%) van de Nederlandse bevolking het prima vindt een nazaat als buur te hebben maar diegene mag geen publieke functie bekleden. Dus het stigma is er nog steeds, 80 jaar na de oorlog!

Tijdens deze dag krijgen we ook een inkijkje bij het project ‘Oorlog voor de Rechter’. Dit gaat over het digitaliseren van de CABR-dossiers en de openbaarmaking daarvan m.i.v. van 2 januari 2025. Nog lang niet alle dossiers zijn gedigitaliseerd, het is een enorme klus. Er wordt uitgelegd hoe je straks op de website kunt zoeken en hoe je de dossiers moet lezen voor het beste begrip. Ik verheug mij vast dat ik straks foto’s kan maken van de handgeschreven brieven, inclusief geroeste nietjes. Maar op het moment dat ik dit blog schrijf, is er een hoop veranderd. Geen openstelling voor iedereen maar lang wachten tot je de dossiers persoonlijk kunt bekijken in het Nationaal Archief. Dus wie weet in de zenuwen zitten voor wat je mogelijk aantreft. En dat hoeft niets te zijn, want dat komt ook voor. Ook blijven de beperkte voorwaarden gehandhaafd, dus niks foto’s. Niet alleen wegens de foto’s ben ik voorstander van volledige openbaarmaking van de dossiers. Het kan zoveel duidelijkheid geven. En ook al voelt het soms nog best pijnlijk, de waarheid weten geeft mij rust. Dat hoop ik ook voor anderen. En voor de geachte 18%, wij als nazaten hoeven ons nergens voor te schamen, het waren niet onze keuzes.


dinsdag 4 februari 2025

Ongemak

 


Door te lezen krijg ik een veel beter beeld van die chaotische dagen net na de bevrijding en hoe het er aan toeging in die interneringskampen. Ruig. De Vergulde Hand stond al helemaal slecht bekend, daar werd men met kettingen aan elkaar vastgemaakt. Al dat lezen maakt mijn nieuwsgierigheid naar die tijd steeds groter en het leidt ook fijn af van waar dit allemaal nog meer over gaat. 

Want ja, ik schaam me dat ik een opa had die sympathiserend NSBlid was. Ik ben bang voor wat dat over mij zegt en bang voor het oordeel van de buitenwacht. Ik voel me ook verontwaardigd dat mijn opa vijf maanden in een interneringskamp heeft gezeten terwijl hij niemand echt iets heeft misdaan. Maar bovenal voel ik verdriet om wat dit mogelijk met mijn vader heeft gedaan. Hij heeft er tegen iedereen over gezwegen, zijn hele leven lang. En nou ga ik dat naar boven halen.

Ik wil mijn ontdekkingen graag delen met wat familieleden maar dat loopt direct vast. Ze willen er niks over horen, dat is geweest en we richten de blik vooruit. Maar ik wil er graag mee door. Dit verhaal moet maar eens naar buiten, openheid en delen brengen meer dan zwijgen. Toch voel ik me ook op eieren lopen. Ik ga dingen over mijn vader delen en die kan niks meer terug zeggen. Ik stel mezelf ook kwetsbaar op en waar leidt dat weer toe?

Gelukkig heb ik mensen om me heen die eindeloos willen luisteren naar m’n twijfel, ongemak en alle ontdekkingen die ik doe. Ze helpen me vat te krijgen op bijvoorbeeld de schaamte en ik leer dat ik die schaamte en vernedering al heel lang onbewust met me meedraag. Het is niet van mij, dat voel ik gelijk. Maar hoe zit dit dan en wat moet ik ermee? Dat ga ik verder onderzoeken, nu voelt het alsof er een last van m’n schouders glijdt. 

De ruimte die daar door ontstaat geeft energie, energie die ik goed kan gebruiken bij het verder onderzoeken naar wat er toen gebeurd is. En ik bedenk dat ik met dit verhaal qua kunst maken ook iets wil. Een artistbook tekenen of iets met textiel? Ik heb nog geen idee maar zet het voorlopig op de sudderplaat. 


maandag 27 januari 2025

De Vergulde Hand


Dat mijn opa alleen sympathiserend lid was vanwege zijn radiotoestel, voelt alsof het meevalt. Het is bijzonder om te lezen dat hij de radio graag wilde behouden omdat zijn kinderen (waaronder mijn vader) gek waren op muziek en ze achter op de laan woonden. We lezen door in de verhoren, waar we onder andere nog tegenkomen dat hij wel Volk en Vaderland las maar er niet mee colporteerde. Ook was hij pro-Duitsch, vanwege de economische waarde voor de Westlandse welvaart. Drie NSB-ers zijn ook verhoord en verklaren onafhankelijk van elkaar dat zij hem verder nooit zagen, hij was dag en nacht op de tuin aan het werk.

Dan lezen we dat opa Arie is opgepakt vlak na de bevrijding. Ja dat heb ik eerder gehoord herinner ik me, tijdens het gesprek over ome Jo. Mijn vader vond het heel erg dat hij zijn vader met de handen in de nek, van de laan afgevoerd zag worden. Het bleek echter de verkeerde en toen werd ome Jo opgepakt. Mijn ouders weten niet wat er verder met ome Jo is gebeurd, ze dachten dat hij in de mijnen te werk is gesteld. Opa Arie was in ieder geval weer thuis.

Maar dan. We lezen met stijgende verbazing dat opa wel degelijk is opgepakt en dat hij ruim vijf maanden geïnterneerd heeft gezeten in Bewarings- en Verblijfskamp de Vergulde Hand in Vlaardingen. Dat komt wel even binnen, hier heb ik nog nooit iemand over gehoord. We zoeken verder in de dossiers en komen een brief van een buurman tegen. Die beweert dat een andere buurman mijn opa heeft aangegeven, verraden zo noemt hij het. Ook lezen we een handgeschreven brief van mijn oma Riek waarin zij vraagt wanneer haar man vrijkomt, dat was haar toegezegd. Ze heeft twee kinderen met astma en dat is weer verergerd door de zenuwen. Het ontroert me om naar het handschrift van mijn oma te kijken en haar verhaal te lezen. 

Wat een informatie allemaal, het is helemaal nieuw voor me. Heeft mijn vader hier niets van geweten? Hij was dertien aan het eind van de oorlog en als je dan je vader vijf maanden niet ziet? Ik begrijp er helemaal niks van, wat is trouwens interneren en hoe ging het überhaupt na de oorlog? Ik grijp terug op wat ik altijd doe als ik het niet snap, ik ga lezen.

maandag 20 januari 2025

De dossiers


 Na veel vijven en zessen, want ja moet dit nou en wat haal je allemaal omhoog, komt de speurneus weer terug. Nou wil ik het weten ook. Misschien valt het wel heel erg mee. Ik maak online een afspraak voor eind januari. Ondertussen krijg ik een mailtje terug van de archiefmedewerkster. Ze snapt dat ik het confronterend vind en wijst me op het bestaan van de Stichting Werkgroep Herkenning, een vrijwilligersorganisatie die in 1981 is opgericht. Die geeft hulp aan en staat (klein)kinderen en familieleden bij van personen die in ‘40-‘45 aan de zijde van de bezetter stonden. Een soort lotgenotengroep.

Dan is het 30 januari 2024 en reizen we af naar het Nationaal Archief in Den Haag. John gaat mee ter eventuele ondersteuning. We moeten een pas laten aanmaken, stoppen onze spullen in een kluisje en gaan met iPad en notitieboek naar de ingang van de studiezaal. Ik blijk nog wat getekende poppetjes in m’n notitieboek te hebben en die mogen niet mee naar binnen. Hup weer terug naar het kluisje. En dan kunnen we eindelijk naar binnen.

We melden ons bij de balie en we krijgen twee dossierdozen mee. We zoeken een plekje in de studiezaal en we pakken de mappen uit de doos. Het zijn kartonnen mappen met daarin PV’s (Proces-Verbalen) van de verhoren, brieven van mijn grootouders en hun buren en een shitload aan formulieren (originelen en doorslagen), alles kriskras door elkaar. Het is heel bijzonder om zo een kijkje in de geschiedenis te krijgen. De schuine handschriften, de getypte formulieren en het ouderwetsche taalgebruik helpen daar mooi aan mee. 

Terwijl we behoedzaam en gretig tegelijk alle spullen doorlezen, zit er aan het eind van de tafel een NA-medewerker op wacht. Hij houdt ons en de overige mensen aan tafel steeds in het oog. Heel goed want ik zou maar wat graag de handgeschreven brieven van mijn opa en oma mee naar huis willen nemen! Langzaam maar zeker beginnen we te snappen wat we lezen en hoe we het enigszins moeten plaatsen. Ik maak driftig aantekeningen in mijn notitieboek. Met potlood want een pen is niet toegestaan. Voor het geval je iets onherkenbaar wilt maken in het dossier denkt John. 

Al lezende zien we het, mijn moeder had gelijk. Mijn opa was sympathiserend lid van de NSB, maar niet vanwege zijn veilingnummer. Het ging hem om het behoud van zijn radiotoestel, een Philips met fabrieksnummer 32881K. 


maandag 13 januari 2025

Mail van het Nationaal Archief


 Al zoekend kom ik bij het Nationaal Archief uit. Dat herbergt zo’n 3,8 km aan CABR-dossiers met zo’n 30 miljoen pagina’s van mensen die mogelijk gecollaboreerd hebben met de Duitsers. Ik vul online een formulier in met de naam van mijn opa, zijn geboorte-en sterfdatum en het verzoek of er dossiers van hem bestaan. 

Eigenlijk vind ik het vooral fascinerend tot nu toe. Ik ben dol op detectives en thrillers en voel mijn innerlijke speurneus Agatha Christie tot leven komen. 

Het duurt een week of zes en dan is er mail van het Nationaal Archief. Er zijn inderdaad dossiers gevonden van mijn grootvader. Ik schrik me rot. Het is dus echt waar en het ziet er ook nog eens intimiderend uit al die dossiernummers en al die instanties. Holy mo. 

In mijn antwoord meld ik dat ik het best wel confronterend vind maar dat ik snel een afspraak zal maken. Daar blijk ik toch eerst moed voor te moeten verzamelen. Heel gek maar mijn innerlijke speurneus is nergens meer te bekennen!